Jeugdrecht en jeugdstrafrecht:
onze jeugd dient beschermd te worden tegen te ongenuanceerd overheidsoptreden

//Jeugdrecht en jeugdstrafrecht
Jeugdrecht en jeugdstrafrecht2015-04-17T09:07:55+00:00
  • footer strafrecht

Jeugdrecht en jeugdstrafrecht

Het Jeugdrecht  bestaat uit het civiele Jeugrecht en het Jeugd-strafrecht en heeft tot doel om de jeugdigen te beschermen tegen gevaren in de opvoedingssfeer en anderzijds na strafbare feiten gedragsveranderingen te bevorderen om daarmee recidive terug te dringen.

Civiel jeugdrecht

Voor minderjarigen die vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen in de problemen raken, is het civiele jeugdrecht van toepassing. Op verzoek van hulpverlenende instanties kunnen deze minderjarigen onder toezicht gesteld en/of uit huis geplaatst worden.
De taak van een advocaat is dan om te toetsen of er wel aan alle criteria is voldaan om zulke vergaande besluiten op te leggen en uit te voeren. Vaak staat een advocaat ook het kind/de jeugdige bij, in dat geval zorgt de advocaat ervoor dat alles wat de jongere te zeggen heeft ook meegewogen wordt.

Ondertoezichtstelling (OTS)

Bij een Ondertoezichtstelling (OTS) wordt uw gezag over uw kind beperkt.
Dat kan gebeuren als er in uw gezin problemen voorkomen, die de ontwikkeling van uw kind kunnen schaden. De kinderrechter kan uw kind dan onder toezicht stellen. Uw gezin krijgt dan begeleiding van een gezinsvoogd. Zolang u vrijwillige hulpverlening aanvaardt en de hulpverlening helpt wordt een OTS veelal niet uitgesproken.
Als de OTS wel wordt uitgesproken dan zal Bureau Jeugdzorg voor de uitvoering daarvan zorgdragen en een gezinsvoogd aanwijzen. De gezinsvoogd zal proberen de problemen in uw gezin op te lossen. Een ondertoezichtstelling duurt maximaal en jaar, maar kan telkens met een jaar verlengd worden.

Uithuisplaatsing tijdens OTS

Soms als het voor het kind beter is, kan de gezinsvoogd de kinderrechter toestemming vragen om uw kind uit huis te plaatsen. Bijvoorbeeld in een tehuis of pleeggezin.
Bij onmiddellijk gevaar ( bijvoorbeeld als er gevaar voor het verdwijnen in een loverboycircuit) moet het kind / de jongere snel uit huis geplaatst worden. Dan kan de kinderrechter op verzoek van de raad een voorlopige OTS uitspreken. De kinderrechter geeft Bureau Jeugdzorg toestemming om het kind uit huis te plaatsen.

Jeugd Strafrecht

Voor jongeren tussen de 12 tot 18 jaar is het jeugdstrafrecht van toepassing als zij in aanraking komen met de politie en ten tijde van het plegen van een strafbaar. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd, maar wel meegenomen worden naar het politiebureau.

Soms volwassenrecht bij jongeren en jeugdrecht bij jongvolwassenen

Soms kan een rechter op grond van beslissen om bij jongeren van 16 of 17 jaar een volwassenensanctie toe te passen. Hiervoor gelden bepaalde criteria. Ook het omgekeerde kan. Bij verdachten van 18 tot 23 kan een rechter soms ook besluiten om een jeugdsanctie te geven.

Het karakter van het jeugdstrafrecht

Het jeugdstrafrecht heeft van oorsprong een opvoedkundig karakter. De jongere krijgt de kans om te leren van wat er gebeurd is. Maar ook in het jongerenstrafrecht worden de laatste jaren steeds strengere straffen opgelegd. Hierdoor kan een strafzaak ook bij een jongere (ernstige) consequenties hebben.
Een jongere krijgt een strafblad en moet veelal DNA afgeven. En ook een jongere kan naar de gevangenis gestuurd worden.
En dit kan allemaal gevolgen hebben voor het verkrijgen van een Verklaring omtrent Gedrag ( VOG). Of voor het vinden van een stageplaats of een baan.

Tatjana Dreiling is deelnemer van de piketregeling.

Iedereen die aangehouden is kan kosteloos een beroep doen op Tatjana Dreiling. Zij is deelneemster van de piketregeling.  De politie moet een aangehouden jongere laten overleggen met een advocaat. Juist bij jongeren is het van belang, dat en vertroudw iemand bij de jeugdige op bezoek komt. Van voor bijna alle jongeren is het schrikken als ze ineens op het politiebureau vastzitten.

Vanaf 16 jaar kunnen jongeren afstand doen van dit recht op een advocaat.

Voorkeursadvocaat

Indien u  Tatjana Dreiling op het politiebureau als voorkeursadvocaat opgeeft, zal zij zo spoedig mogelijk naar het politiebureaukomen. Dat is kosteloos. Geeft u geen voorkersadvocaat op, dan zal de politie de piketcentrale inlichten. De piketcentrale stuurt dan een melding naar de op die dag dienstdoende ‘piketadvocaat’, die dan binnen twee uur na ontvangst van de melding de verdachte op het politiebureau moet bezoeken. Ook dat is geheel kostenloos.

Het voordeel vaneen voorkeursadvocaat is veelal , dat u uw eigen advocaat al kent en er vertrouwd mee bent. U hoeft dus niet van advocaat “te wisselen”, mits uw advocaat maar deelnemer van de piketregeling is. Is uw advocaat geen deelnemer van de piketregeling dan kunt u ook dan een beroep op hem of haar doen. Alleen zijn de kosten dan voor uw rekening.

Straffen en maatregelen voor jongeren

  • Taakstraf: werk- of leerstraf
    De jongere moet dan werken of de schade verstellen of een soort training volgen.
  • Geldboete
    De rechter kan ook een geldboete opleggen. Het is dan wel de bedoeling, dat de jongere de boete zelf betaald en niet de ouders. Wordt de boete niet betaald dan kan deze worden omgezet in vervangende jeugddetentie of taakstraf.
  • Jeugddetentie
    Als een jongere een echt ernstig feit heeft begaan wordt door de rechter jeugddetentie opgelegd. Het is de zwaarste strafvorm binnen het jeugdstrafrecht. Deze straf wordt uitgezeten in een Justitiële Jeugdinrichting (JJI).
  • Vrijheidsbeperkende maatregel
    Een vrijheidsbeperkende maatregel is bijvoorbeeld een contact-en/of locatieverbod.
  •  Gedragsbeïnvloedende maatregel (GBM)
    Het gaat hier om passende maatregelen voor jongeren met (ernstige) gedragsproblemen en/of andere problematiek.
  • PIJ-maatregel
    Dit is praktisch gezien één van de zwaarste maatregelen die een jongere opgelegd kan worden. De jongere gaat dan naar een justitiële jongereninrichting (in de volksmond jeugdgevangenis) of een behandelkliniek en moet daar ook behandeld worden. De duur van de maatregelen kan verlengd worden als de behandeling van de jongere nog niet afgerond is.

Deze straffen en maatregelen kunnen ook voorwaardelijk worden opgelegd. Meestal legt de rechter dan ook een proeftijd van twee jaar op, binnen die twee jaar mag de jeugdige niet weer in aanraking komen met justitie, anders worden de voorwaardelijke straffen daadwerkelijke straffen.
Bijkomende straffen kunnen zijn bijvoorbeeld verbeurdverklaring en een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen.
Naast de hoofdstraffen kan de rechter ook bijkomende straffen op leggen. De bijkomende straffen kunnen ook zelfstandig zonder hoofdstraf opgelegd worden.